Evidence‑based werken met honden in de zorg (AAS): wat zegt de wetenschap?

DASA(73van87)

Een overzicht van recente inzichten, vertaald naar de praktijk

Binnen Animal‑Assisted Services (AAS) wordt steeds vaker gevraagd naar wetenschappelijke onderbouwing. Zorgprofessionals, organisaties en families willen weten: Werkt het echt? Is het veilig? Wat zegt onderzoek over de inzet van honden in de zorg?

Evidence‑based werken betekent dat we interventies baseren op drie pijlers:

  1. Wetenschappelijke kennis
  2. Professionele expertise
  3. De behoeften en voorkeuren van de cliënt én de hond

In dit artikel lees je wat de wetenschap op dit moment zegt over AAS, welke effecten goed onderbouwd zijn, en hoe je deze inzichten vertaalt naar de dagelijkse praktijk.

🌿 Wat verstaan we onder evidence‑based AAS?

Evidence‑based werken betekent niet dat elke interventie een klinische studie moet hebben. Het betekent dat je bewuste keuzes maakt, gebaseerd op wat we weten uit onderzoek, gecombineerd met professionele ervaring en ethische afwegingen.

Binnen AAS gaat het om vragen als:

  • Wat weten we over de effecten van honden op stress, stemming en gedrag?
  • Wat zijn de risico’s en hoe beperken we die?
  • Hoe zorgen we dat de hond veilig en welzijnsgericht kan werken?
  • Hoe evalueren we veranderingen bij cliënten?

Evidence‑based werken is dus geen “extraatje”, maar een voorwaarde voor kwaliteit en veiligheid.

🧠 Wat zegt de wetenschap over de effecten van AAS?

Onderzoek naar dierondersteunde interventies groeit snel. Hoewel studies verschillen in kwaliteit en opzet, zien we een aantal consistente bevindingen.

✔ 1. Stressreductie en ontspanning

Meerdere studies laten zien dat contact met honden kan leiden tot:

  • lagere cortisolwaarden
  • lagere bloeddruk
  • rustiger ademhaling
  • meer oxytocine (verbinding, veiligheid)

Dit effect is vooral zichtbaar bij mensen met dementie, angstklachten en stressgerelateerde problematiek.

✔ 2. Verbetering van stemming en welbevinden

Honden kunnen gevoelens van eenzaamheid, somberheid en apathie verminderen. Cliënten tonen vaker:

  • glimlachen
  • initiatief
  • sociale interactie
  • betrokkenheid bij activiteiten

Dit geldt zowel voor individuele sessies als groepsactiviteiten.

✔ 3. Activering en motivatie

Honden nodigen uit tot beweging en participatie. Onderzoek laat zien dat cliënten:

  • meer lopen
  • meer reiken of strekken
  • meer praten
  • meer initiatief tonen

Dit maakt AAS waardevol in revalidatie, dagbesteding en ouderenzorg.

✔ 4. Structuur en voorspelbaarheid

Honden reageren sterk op routines. Cliënten met dementie of autisme profiteren hiervan:

  • duidelijk begin en einde van activiteiten
  • voorspelbare interacties
  • minder onrust

✔ 5. Emotionele regulatie

Honden spiegelen emoties en reageren op spanning. Dit helpt cliënten om:

  • hun eigen emoties beter te herkennen
  • spanning te reguleren
  • zich veiliger te voelen

Wat zegt de wetenschap over risico’s en randvoorwaarden?

Hoewel onderzoek veel positieve effecten van AAS laat zien, benadrukt de wetenschap ook dat deze interventies alleen verantwoord zijn wanneer het welzijn van de hond centraal staat. In zorgomgevingen komen honden namelijk in aanraking met prikkels die ze in het dagelijks leven niet vanzelfsprekend tegenkomen: onverwachte bewegingen, harde geluiden, emotionele situaties en cliënten die niet altijd in staat zijn om grenzen te respecteren.

Studies laten zien dat honden in zulke contexten stress kunnen ervaren, zelfs wanneer ze goed getraind en sociaal vaardig zijn. Het is daarom essentieel dat handlers leren kijken naar subtiele signalen van spanning en dat ze sessies zo vormgeven dat de hond zich veilig kan blijven voelen. Wetenschappers benadrukken dat welzijnsbewaking geen bijzaak is, maar een professionele verantwoordelijkheid. Een hond die zich niet prettig voelt, kan niet op een natuurlijke manier samenwerken en dat heeft direct invloed op de kwaliteit en veiligheid van de interventie.

Ook over trainingsmethodes is de wetenschap duidelijk. Onderzoek toont overtuigend aan dat aversieve technieken, zoals fysieke correcties, schrikprikkels of druk leiden tot verhoogde stress, angst en soms zelfs agressie. Bovendien ondermijnen deze methodes de relatie tussen hond en handler, iets wat binnen AAS juist de basis vormt van het werk. Daarom wordt in professionele richtlijnen steeds benadrukt dat alleen positieve, welzijnsgerichte trainingsmethodes geschikt zijn voor honden die in de zorg worden ingezet. Niet alleen omdat ze effectiever zijn, maar vooral omdat ze de mentale en fysieke gezondheid van de hond beschermen.

Daarnaast wijst onderzoek op het belang van goede hygiëne en infectiepreventie. In zorginstellingen komen kwetsbare cliënten samen, en hoewel honden geen groot risico vormen, is het wel belangrijk dat ze gezond zijn, vrij van parasieten en regelmatig worden gecontroleerd door een dierenarts. Dit sluit aan bij de bredere kwaliteitsnormen binnen AAS: professioneel werken betekent dat je risico’s minimaliseert, protocollen volgt en transparant bent over de gezondheid en inzetbaarheid van de hond.

Tot slot benadrukt de wetenschap dat niet elke hond geschikt is voor AAS en dat dit niets te maken heeft met ras of uiterlijk. Het gaat om karakter, stabiliteit, motivatie en belastbaarheid. Een hond die sociaal is maar snel overprikkeld raakt, kan in een zorgomgeving meer last dan plezier ervaren. Evidence‑based werken betekent dus ook dat je eerlijk kijkt naar wat een individuele hond nodig heeft, en dat je zijn grenzen respecteert, zelfs wanneer dat betekent dat hij niet (meer) ingezet kan worden.

🧩 Hoe vertaal je wetenschap naar de praktijk?

Evidence‑based werken binnen AAS betekent dat je voortdurend schakelt tussen kennis, observatie en ethiek. Onderzoek laat zien dat interventies het meest effectief zijn wanneer ze doelgericht worden ingezet, wanneer de hond zich veilig voelt en wanneer de handler actief reflecteert op wat er gebeurt. In de praktijk betekent dit dat je werkt met duidelijke doelen, dat je sessies zorgvuldig voorbereidt en dat je na afloop evalueert wat goed ging en wat beter kan.

Het vraagt ook om een open houding: durven bijsturen, durven pauzeren en soms durven stoppen. Een hond die subtiele stresssignalen laat zien, heeft niet “een slechte dag”, maar communiceert. Een cliënt die onverwacht reageert, vraagt om aanpassing van de setting. Evidence‑based werken is dus geen rigide protocol, maar een manier van kijken: nieuwsgierig, zorgvuldig en altijd met respect voor mens én dier.

🌱 Conclusie: evidence‑based werken is de basis van kwaliteit

De wetenschap laat zien dat AAS waardevolle effecten kan hebben op stress, stemming, motivatie en welzijn. Maar die effecten komen alleen tot hun recht wanneer interventies zorgvuldig, professioneel en welzijnsgericht worden uitgevoerd. Evidence‑based werken betekent dat je niet alleen vertrouwt op ervaring, maar ook op onderzoek, reflectie en ethische keuzes.

Zo bouwen we aan een vakgebied dat serieus genomen wordt en waarin de hond niet wordt gezien als hulpmiddel, maar als volwaardige partner.

Deel dit artikel

Over de auteur

Foto van Tessa den Heeten
Tessa den Heeten

Tessa den Heeten heeft jarenlange ervaring in de zorg voor mensen met dementie en passie voor dierondersteunde services. Ze heeft een uniek opleidingsprogramma ontwikkeld dat professionals voorbereidt om honden effectief en verantwoord in te zetten.

Foto van Tessa den Heeten
Tessa den Heeten

Tessa den Heeten heeft jarenlange ervaring in de zorg voor mensen met dementie en passie voor dierondersteunde services. Ze heeft een uniek opleidingsprogramma ontwikkeld dat professionals voorbereidt om honden effectief en verantwoord in te zetten.

Gerelateerde artikelen

Basisopleiding Honden in de Zorg – start in maart!

Wil jij leren hoe je jouw hond professioneel en veilig inzet in de (dementie)zorg? Beperkt aantal plekken.

📅 Zondag 1, 8, 15, 22, 29 maart + 12 april 2026

📍 Abbenes (vlakbij Nieuw-Vennep)

🎓 6 lesdagen, theorie én praktijk

🔖 Geaccrediteerd door het AAS Kwaliteitsregister